FFP2 maskers en andere PBM’s @ UZ Leuven

Welke impact had de Covid19-pandemie op het gebruik van FFP2 maskers en andere beschermingsmaterialen in de Belgische ziekenhuizen? We spraken er over met Herman Devriese, diensthoofd preventie en milieu @ UZ Leuven.

Hoe zag u het gebruik van FFP2 maskers en persoonlijke beschermingsmiddelen evolueren tijdens de Corona-crisis, in vergelijking met de periode pre-Covid?

We werden geconfronteerd met 2 feiten die het ons bijzonder moeilijk maakten vanaf het begin. Enerzijds werd een epidemie plots in een razendsnel tempo een pandemie. De wereldwijde vraag naar FFP2 maskers en andere beschermingsmaterialen trok plots aan. Iedereen ging met iedereen in competitie, zowel nationaal als internationaal. Geld bepaalde in veel gevallen daarbij de orde. Ik herinner me een voorbeeld van een vliegtuig – vol met maskers en andere materialen – dat klaarstond in Sjanghai om naar Europa te vliegen. Na tussenkomst van een Amerikaan met veel cash geld heeft het zijn koers gewijzigd naar de Verenigde Staten.

Het tweede feit: we kenden onze vijand niet. We wisten in het begin van de pandemie niet 100% zeker welke beschermingsmiddelen we moesten inschakelen. We hebben dat met scha en schande moeten ondervinden. In het begin dachten wij dat we absoluut FFP3-maskers nodig hadden, anderen geloofden dat chirurgische maskers zouden volstaan.

Hoe moeilijk was het om aan de juiste FFP2 maskers en andere beschermingsmaterialen te geraken?

In het begin vreesden we dat FFP maskers ons zeer veel geld zouden kosten. Maar al snel werd duidelijk dat het geen kwestie van geld was. We moesten pakken wat we konden krijgen, en vervolgens evalueren welk kwaliteitsniveau we als een absoluut minimum moesten stellen. Gezien de vraag wereldwijd vele malen hoger was dan het aanbod, moesten we daarbij creatief zijn.

Hoezo creatief?

Zo hebben we via de media verspreid dat we in absolute nood zaten qua ademhalingsbeschermingsmaskers zoals FFP2 maskers. Ik stond ervan te kijken hoe groot de solidariteit kan zijn: we hebben toen enorm veel maskers gekregen van bedrijven, particulieren en andere organisaties. Onvoorstelbaar. En het moet gezegd, er is een dag geweest waar we daar echt op geleefd hebben. Die donaties hebben voor ons echt het verschil gemaakt op bepaalde momenten in het begin van de pandemie. Het heeft me echt geleerd dat je je op een heel aantal zaken kan voorbereiden – maar zeker niet op alles. En op zo’n momenten kan de solidariteit onder de bevolking gigantisch én cruciaal zijn.

Hebben jullie ook FFP2 maskers moeten hergebruiken?

We hebben verschillende manieren onderzocht om FFP2 maskers te reprocessen. Dat is ons aardig gelukt – zo konden we op een bepaald moment FFP2 maskers tot 3x hergebruiken. We moesten dat toen doen omdat we niet snel genoeg nieuwe maskers konden aankopen.  Vandaag is de situatie helemaal veranderd en doen we geen reprocessing van maskers meer. Enerzijds omdat er geen tekort meer is aan FFP2-wegwerpmaskers in de markt waardoor de wetgeving dergelijk hergebruik terug aan banden legde. Anderzijds omdat het logistiek, veiligheidstechnisch én economisch toch niet evident is om dit rendabel te organiseren. Hoe erg ik dat ook vind als milieucoördinator, maar het is de realiteit. Bill Clinton heeft op dat vlak nog steeds gelijk: ‘It’s the economy, stupid. Zolang het aanbod groter is dan de vraag, is wegwerp uiteindelijk veel gemakkelijker.

U wil meer duurzame oplossingen?

Absoluut. Dat is bijvoorbeeld één van de redenen waarom we ook zogenaamde PAPR’s ingezet hebben (Nvdr: Powered Air-Purifying Respirators – mechanisch aangedreven beschermingsmaskers). Naast het duurzame aspect laten ze toe om ergonomischer en veiliger te werken. Ze kunnen niet scheef trekken, en blazen bovendien frisse lucht in het masker. Omwille van de kost is het niet haalbaar om deze maskers in alle situaties in te zetten. We maken daarbij een onderscheid op basis van de tijd dat medewerkers een masker dienen te dragen. Wanneer iemand gedurende een volledige shift een masker moet dragen, hebben we maximaal ingezet op PAPR’s, voor korter gebruik zetten we FFP2-wegwerpmaskers in.

Hoe zag u de rol van de overheid in de toelevering van FFP2 maskers en andere beschermingsmaterialen?

Heel wat bevoegde ministers hebben behoorlijk wat kritiek gekregen over de aanpak. Onterecht volgens mij. In een markt waar de hele wereld op zoek is naar hetzelfde product, moet je prioriteiten stellen. Je moet de afweging maken hoe je de zorgsector kan helpen terwijl je toch een minimum aan kwaliteit kan garanderen, wat niet evident was. Dankzij Staatssecretaris De Backer heeft dat geleid tot een haalbaar meetprotocol – het zogenaamde ATP-protocol. Zo kon toch een minimumkwaliteit gegarandeerd voor alternatieven voor FFP2 maskers. De betrokken ministers hebben nooit voldoende appreciatie voor dit werk gekregen.

Wat zijn voor u de belangrijkste elementen in de kwaliteit van FFP2 maskers?

De filterkwaliteit is natuurlijk de basis. Maar als een kwalitatief goed masker niet goed past of ergonomisch niet goed zit, dan gaan mensen fouten maken. Als een masker continu verschuift en elke keer opnieuw moet goed gezet worden, dan komt dat de veiligheid niet ten goede. Het masker mag de meest vooruitstrevende technologieën bevatten, het heeft allemaal geen zin als de ergonomie of de pasfit niet goed zit.

Hadden jullie in het begin van de pandemie enig besef van hoe lang dit wel eens zou kunnen duren?

Wij zijn er steeds van uitgegaan dat de crisis minimaal tot het einde van 2020 zou duren, en dat het zich pas in de loop van 2021 terug zou normaliseren. De eerste golf was bijna symmetrisch in tijd, de tweede golf begon al snel een staart te krijgen, om op een plateau te blijven hangen. In de zomer van 2020 heeft het reizen en de opkomst van varianten de spelregels helemaal veranderd, waardoor we extra maatregelen hebben moeten invoeren.

Zag u nog andere verschillen tussen de eerste en tweede golf?

Ik vond het opvallend dat we in de eerste golf er vooral van uitgingen dat het virus zich voornamelijk via contact verspreidde en minder via aerosolen. In de tweede golf beseften we al dat aerosolen (verspreiding van het virus via de lucht – Nvdr) veel belangrijker waren. Daarnaast is het natuurlijk ook zo dat door de verschillende maatregelen in de eerste golf, waarbij we contact maximaal hebben beperkt – lichamelijk contact als virusverspreider wellicht minder een rol is gaan spelen, waardoor de focus op aerosolen groter is geworden.

Zag u verandering in het gedrag van de bevolking?

Ik geloof dat de maatregelen in de eerste golf heel strict werden opgevolgd. Maar door de mensen in de zomer van 2020 opnieuw de mogelijkheid tot reizen te geven, denk ik dat velen daardoor wat lakser werden in het opvolgen van maatregelen. Bovendien staken een aantal landen toch hun kop in het zand, wat niet geholpen heeft bij het indijken van de nieuwe golf.

Hebben de maatregelen zoals vaccinatie voor een aanpassing gezorgd in de protocollen binnen UZLeuven?

We zijn daar nog steeds heel consequent in. Zolang niet iedereen gevaccineerd is er en er geen groepsimmuniteit is, kunnen we bepaalde maatregelen niet terugdraaien. Het is niet omdat je gevaccineerd bent dat de kans niet bestaat dat je het virus kan overdragen. Ik zie bij de collega’s ook nog geen verschil tussen hoe we ons nu gedragen in vergelijking met 6 maanden geleden. Integendeel zelfs, bij de 2e golf werden extra voorzorgsmaatregelen ingevoerd waar we ons nog steeds aan houden.

Wel heeft de vaccinatie bij ons voor een zekere gemoedsrust gezorgd. Het virus is niet weg, maar op een aantal punten zijn we toch wat meer gerustgesteld. We lopen niet meer het risico om voor de minste fout die er gemaakt wordt, zelf in een ziekenhuisbed terecht te komen.

Met de ervaring van het afgelopen jaar op zak, hoe moet de toekomst er uitzien qua strategieën in persoonlijke beschermingsmaterialen?  

We moeten een strategische voorraad hebben in FFP2 maskers en andere beschermingsmaterialen. We gaan nog dergelijke epidemieën meemaken – is het niet Covid, dan is het wel een nieuwe SARS of mazelen. Met wat we nu geleerd hebben gaan we in de toekomst wel sneller kunnen reageren waardoor het wellicht nooit meer zo ver zal komen. Maar een strategische voorraad moet bewegen, om te vermijden dat we hem na een tijdje moeten weggooien. Alleen – voor dergelijke pandemieën moet je strategische voorraad zodanig groot zijn, dat je die nooit voldoende kan laten roteren bij een normaal gebruik van de FFP2 maskers. Misschien moeten we niet noodzakelijk een grotere stock hebben, maar een grotere productiecapaciteit. Zo kan je snel productie opschalen op het moment dat het echt nodig is. Op voorwaarde natuurlijk dat je ook een strategische oplossing hebt die de nodige grondstoffen kan garanderen bij een plotse toename van de vraag.

Daarnaast geloof ik ook dat we meer moeten inzetten op duurzame oplossingen, zoals bijvoorbeeld het gebruik van PAPR’s. Alleen vraagt dat wel om serieuze investeringen.

Bedankt Herman om je ervaringen met ons te delen!

Gerelateerde blogberichten

0 reacties

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *